Opvoedenplus

Rechtstreeks naar inhoud gaan

Hoogbegaafdheid

Wat is hoogbegaafdheid?
Hoogbegaafdheid kan gelijk worden gesteld aan het hebben van een hoog IQ (Intelligentie Quotiënt) op een intelligentietest. Sommige mensen houden daarvoor een IQ van 130 en hoger aan, anderen leggen de grens bij 140.
Dit is een beperkte visie op hoogbegaafdheid. De meeste psychologen zien hoogbegaafdheid als een samenspel tussen drie factoren: hoge intellectuele capaciteiten, creativiteit en taakgerichtheid. Bij creativiteit gaat het om probleemoplossende vaardigheden in nieuwe situaties, en bij taakgerichtheid om concentratie en doorzettingsvermogen.
Bij de ontwikkeling van deze drie factoren speelt de omgeving - gezin, school en leeftijdgenoten - een grote rol.

Hoogbegaafdheid als zodanig is geen probleem. Hoogbegaafdheid wordt pas een probleem als de omgevingsfactoren belemmerend zijn of als de ontwikkeling van het kind eenzijdig is.
Als alles goed gaat kan hoogbegaafdheid onder meer tot uiting komen in een grote nieuwsgierigheid en motivatie, een hoog werktempo, een grote woordenschat, een goed geheugen, vindingrijkheid en creatieve ideeën.

Welk probleemgedrag kan zich voordoen?

Verveling
Storend gedrag
Weinig doorzettingsvermogen
Slechte sociale aansluiting
Buikpijn

Een probleem dat veel wordt gezien is dat de sociaal-emotionele ontwikkeling van het kind achter blijft bij de intellectuele ontwikkeling. Dat is waarom het niet zonder meer goed is om kinderen een klas te laten overslaan. Het kind heeft dan wel op intellectueel gebied aansluiting maar niet op sociaal-emotioneel gebied.
Vaak wordt ervoor gekozen een kind naast het reguliere schoolwerk apart werk te laten doen, dat meer uitdaging biedt. Bij het reguliere schoolwerk wordt het werken gesteund doordat de hele klas en de leerkracht met hetzelfde bezig zijn. Als een kind een eigen programma volgt, vraagt dat de zelfstandigheid, de doelgerichtheid en het organisatievermogen die eigenlijk bij een sociaal-emotioneel ouder kind passen. Dat wringt in de begeleiding van dit soort kinderen, en vraagt van ouders en school veel creativiteit.

Een groot verschil tussen de intellectuele en sociaal-emotionele ontwikkeling kan samengaan met een stoornis in het autisme spectrum. Deze kinderen kunnen zich soms eenzijdig ontwikkelen omdat schoolse en cognitieve taken hen houvast bieden in een voor hen in andere opzichten verwarrende wereld. Een eenzijdige intellectuele belangstelling bij een kind kan dus voortkomen uit een onvermogen op andere gebieden.

Als hoogbegaafdheid niet wordt onderkend, kunnen er verschillende problemen ontstaan. Twee veel voorkomende problemen zijn demotivatie en schijnbare aanpassing.
Demotivatie treedt op als het kind te weinig uitdaging krijgt en taken moet doen die het al beheerst. Het kind kan dan alle interesse verliezen in het uitvoeren van taken. Schijnbare aanpassing treedt op als het kind doet wat anderen van hem of haar verwachten en bezig is met dezelfde activiteiten en opdrachten als zijn leeftijdgenoten, maar zich ondertussen ongelukkig en niet begrepen voelt.

Wat kunnen wij doen?
Om hoogbegaafdheid vast te stellen is onderzoek noodzakelijk. Dat moet uitgevoerd worden door een orthopedagoog of psycholoog met deskundigheid op het gebied van de diagnostiek.

Het onderzoek kan bestaan uit de volgende onderdelen:

  • Analyse van de klachten
  • Analyse van het gezin en de opvoeding
  • Onderzoek van het lezen, spellen en rekenen
  • Observatie van het kind in de klas
  • Gesprek met de leerkracht
  • Onderzoek van de intelligentie
  • Onderzoek van de sociaal-emotionele ontwikkeling

Uit het onderzoek komt een diagnose en een plan van aanpak voor de ouders en de school.

Voor ouders is het goed te weten dat hun kind hoogbegaafd is. Ze kunnen het de ruimte geven voor bijvoorbeeld lezen van informatieve boeken en clubs die een uitdaging betekenen zoals een schaakclub.
Op de basisschool zijn er voor een hoogbegaafde leerling twee mogelijkheden die ook samen kunnen worden gebruikt: versnelling en verdieping.
Versnelling betekent dat het kind dat bijvoorbeeld aan tien sommen genoeg heeft om een vaardigheid te beheersen, niet alle dertig sommen hoeft te maken en op die manier versneld door de stof gaat.
Verdieping wil zeggen dat het kind dieper op de stof ingaat door moeilijker opdrachten (verrijkingsstof), of dat het andere vakken krijgt zoals Russisch of astronomie. Schoolbegeleidingsdiensten kunnen school hierbij ondersteunen.
Een praktijk die zich heeft gespecialiseerd in de hulpverlening aan begaafde kinderen is die van Mevrouw A. de Bruin, www.aljadebruin.nl.

H.M.E. Apers

Terug naar "Meer weten"

- info@opvoedenplus.nl

Leiden,Oegstgeest